De Bevalling

En eindelijk is het dan zover…

Plaats van bevallen

Thuis bevallen of in het ziekenhuis?

Als er geen medische reden is om in het ziekenhuis te bevallen mag je, vanaf 37 weken zwangerschap, zelf kiezen waar je onder begeleiding van je eigen verloskundige bevalt; thuis of poliklinisch in het ziekenhuis. Tijdens de zwangerschap bepaal je samen met jouw partner wat voor jullie de beste plaats is om te bevallen. Welke keuze je ook maakt, het is het belangrijkste dat jij en je partner je prettig en veilig voelen op de plaats waar de bevalling plaatsvindt. De beslissing waar je gaat bevallen kan je zelfs tijdens de bevalling nog aanpassen.

Thuis

Thuis ben je in je eigen omgeving en voel je je vertrouwd. Dit kan een positieve invloed hebben op de bevalling, daar je het beste ontsluit waar je je op je gemak voelt. Jij en je partner hebben thuis vaak wat meer grip op de omstandigheden rondom je bevalling. Thuis bevallen is net zo veilig als bevallen in het ziekenhuis (blijkt ook weer uit recent onderzoek).

Ziekenhuis

Als je kiest voor een poliklinische bevalling, dan huur je een verloskamer in het ziekenhuis, waarvoor je meestal een eigen bijdrage moet betalen. Controleer voor eventuele extra kosten/ eigen risico bij een poliklinische bevalling, je zorgverzekering. Bijverzekeren is bij veel verzekeraars mogelijk. Je eigen verloskundige begeleidt je met hulp van een verpleegkundige. Als verloskundige nemen wij contact op met verloskamers als we thuis vastgesteld hebben dat de bevalling niet lang meer op zich laat wachten. In overleg bepalen we samen het juiste moment van vertrek.

De meeste ziekenhuizen in de regio organiseren een voorlichtingsavond en kun je alvast een kijkje nemen op verloskamers.

Een geboorteplan

Een geboorteplan helpt je om over je wensen en verwachtingen voor de bevalling na te denken en deze te bespreken met je partner, verloskundige of gynaecoloog. Je kunt aangeven wat voor jou belangrijk is. Samen met je verloskundige of gynaecoloog bepaal je of je wensen haalbaar zijn. Zo kun je teleurstellingen voorkomen in situaties waar noodzakelijk handelen voorop staat. Je kunt op elk moment van gedachten wisselen en dit aanpassen in je geboorteplan.
Je geboorteplan maakt deel uit van je medisch dossier. De verloskundige of gynaecoloog die jou tijdens de bevalling begeleidt, kan op die manier altijd je geboorteplan nalezen.

Download eenvoudig en snel de checklist geboorteplan!

 

Checklist geboorteplan

Hoe weet je dat de bevalling begonnen is?

Loos alarm: ‘harde buik’

Als je in de laatste maanden van je zwangerschap bent, heb je het misschien al eens gevoeld: je baarmoeder trekt soms even samen. Hoe verder je bent, hoe meer dat kan gebeuren. Het komt door hormonen en wordt ‘harde buik’ genoemd. Het kan een vervelend gevoel zijn. Maar de meeste vrouwen voelen het niet eens. De samentrekkingen zijn geen (voor)weeën, en ze kondigen nog niet je bevalling aan.

Het echte begin

Meestal begint de bevalling met weeën. Soms doen die weeën meteen al pijn en volgen ze elkaar al snel op. Maar meestal zijn ze in het begin nog kort, onregelmatig en niet zo pijnlijk. Vaak kun je gewoon doorgaan met waarmee je bezig bent. Hooguit zul je af en toe even stilstaan omdat je iets voelt. Deze ‘voorweeën’ maken de baarmoedermond alvast soepeler. Pas als de weeën sterker en regelmatiger worden en meer pijn gaan doen en als je baarmoedermond open gaat (de ‘ontsluiting’), is je bevalling echt begonnen. De verloskundige controleert of je ontsluiting hebt via inwendig onderzoek. De bevalling kan zich ook aankondigen met het breken van de vliezen. Ook dan zijn sterke weeën nodig om de baarmoedermond open te maken. Ze beginnen meestal binnen 24 uur na het breken van de vliezen.

Hoe gaat een bevalling stap voor stap?

1 - De weeën worden sterker, komen vaker en regelmatiger en doen meer pijn

Een wee is een samentrekking van de baarmoederspier. Het voelt als een soort kramp in je onderbuik die langzaam opkomt, erger wordt en dan weer afzakt. Je kunt zo’n wee vergelijken met een golf die aanspoelt op het strand. In het begin voel je de pijngolf aan komen rollen. Net voor de golf omslaat, is de pijn het hevigst. Daarna trekt de golf terug en voel je de pijn weer minder worden. Tussen de weeën door is er rust in je buik.

2 - Ontsluitingsweeën maken je baarmoedermond open

De ontsluitingsweeën zorgen ervoor dat je baarmoedermond ver genoeg open gaat (10 cm) om je kindje geboren te laten worden. Dat wordt ‘ontsluiting’ genoemd. Voor de ontsluiting zijn sterke weeën nodig. Ze duren langer (1-1,5 minuut) dan voorweeën en komen regelmatig, zo om de 3 tot 5 minuten. Je voelt ze als een pijnlijke kramp door je hele bekkengebied. De een voelt ze meer in de buik, de ander in de rug. Sommige vrouwen voelen ze (ook) in hun benen. De weeën worden krachtiger en pijnlijker naarmate de ontsluiting vordert. Tijdens de laatste centimeters ontsluiting (8-10 cm) zijn ze het heftigst. De verloskundige controleert via inwendig onderzoek hoeveel centimeter ontsluiting je hebt.

3 - Je vliezen breken (of de verloskundige breekt ze)

Je ziet het soms op tv: een bevalling begint met het breken van de vliezen. Maar veel vaker breken de vliezen pas later. Dat is ook goed, want de vliezen en het vruchtwater beschermen het kind en helpen mee om je baarmoedermond open te maken door de druk die ze geven. De verloskundige zal daarom pas aan het eind van de ontsluiting je vliezen breken, als ze dan nog niet spontaan zijn gebroken. Of soms eerder, als de weeën afzwakken of als je ontsluiting onvoldoende doorzet. Dat doet geen pijn. Je voelt alleen een beetje warm water lopen. Ook daarna maak je steeds opnieuw vruchtwater aan, zodat je kindje nooit ‘droog’ ligt. Als je nog geen sterke weeën hebt mag je niet in bad, vanwege de kans op infectie. Je kindje staat nu immers in open verbinding met de buitenwereld. Je temperatuur wordt na het breken van de vliezen gemeten om een eventuele infectie snel te ontdekken.

4 - Persweeën ‘duwen’ je kindje naar buiten

Als je genoeg ontsluiting hebt om je kindje geboren te laten worden, gaan de ontsluitingsweeën over in persweeën. De verloskundige zal meestal eerst een inwendig onderzoek doen om zeker te weten of de ontsluiting volledig is. Door de grote opening van je baarmoedermond is het hoofdje naar beneden gezakt. Op het hoogtepunt van de wee voel je dan een drang om te drukken. Dit is een beginnende persdrang. Je kunt het niet tegenhouden. Het geeft aan dat je kindje naar buiten kan. De persweeën komen meestal om de 5 minuten. Ze zijn heel sterk. Tussendoor heb je net genoeg tijd om even bij te komen of weg te doezelen. Maak je geen zorgen als je benen gaan trillen: dat komt doordat je spieren zich ontspannen. Het hoort erbij.

5 - Zelf meepersen

Het einde is in zicht. Goede persweeën doen al veel werk. Je kan nu actief mee gaan persen. Pers tijdens een perswee met al je kracht mee richting je vagina en anus. Alsof je moet poepen. In het begin voel je niet altijd waar je naartoe perst. Maar als het hoofdje dieper komt, wordt het duidelijker hoe je zo’n perswee kunt gebruiken om mee te persen.

6 - Daar komt het hoofdje

Je kunt meekijken in de spiegel als je dat leuk vindt. Als het je eerste kindje is, duurt het vaak even voor je het hoofdje ziet. Het komt bij elke wee een stukje verder – maar gaat ook steeds weer ietsje terug. Het kindje is dan bezig om zijn of haar hoofdje door het geboortekanaal te draaien. De verloskundige vertelt je wat er gebeurt en coacht je. Bij een tweede kind hoef je meestal minder lang te persen, omdat het geboortekanaal al soepel is gemaakt door het eerste kind. Je ziet het hoofdje dan al eerder en het komt tijdens een wee een flink stuk verder. Een tweede of volgende kindje wordt soms zelfs in één perswee geboren.

7 - Jullie kindje wordt geboren

Als het hoofdje bijna naar buiten komt, voel je het aan de onderkant tussen je vagina en anus uitrekken. Dat kan een pijnlijk, brandend gevoel zijn. Een koude washand tegen je bekkenbodem helpt. De verloskundige geeft nu aan wat je moet doen om te voorkomen dat je inscheurt. Als het hoofdje geboren is, begeleidt de verloskundige je kind verder naar buiten. Je hoeft dan meestal niet meer hard te persen, het lijfje volgt snel. Even later ligt jouw kindje op je buik. Een geweldig moment. Geniet ervan!

8 - De placenta (nageboorte) komt naar buiten

Het wordt weer rustig in je buik. Omdat je geen weeën meer voelt, zou je bijna vergeten dat er nog een placenta komt. De baarmoeder trekt samen om de placenta los te maken en om te voorkomen dat je veel bloed verliest. De verloskundige houdt de navelstreng gespannen om te controleren of de placenta los ligt. Als dat zo is, vraagt ze je om nog een keer mee te persen terwijl zij tegendruk op je buik geeft. Meestal komen dan de placenta, de navelstreng en de vliezen naar buiten. Dat is een beetje een raar gevoel maar doet niet echt pijn. De baarmoeder trekt samen en voelt als een harde bal onder de navel.

9 - Het doorknippen van de navelstreng

Als de hartslag van je kind niet meer te voelen is in de navelstreng, kan die worden doorgeknipt. Je baby kan nu al even aan je borst worden gelegd. Dit is een natuurlijk middel om je baarmoeder te laten samentrekken en om verder bloedverlies te voorkomen.

Hoe lang duurt een bevalling?

Vanaf de eerste ontsluitingswee duurt het meestal 4 tot 14 uur voordat de ontsluiting volledig is en je kunt gaan persen. Bij een eerste bevalling duurt het over het algemeen langer dan bij een volgende bevalling. De baarmoedermond is dan namelijk nog stugger en gaat daardoor minder makkelijk open. De weeën maken dan de baarmoedermond eerst soepeler en dunner. Hoe snel het gaat, hangt ook af van de weeën. Als die sterker zijn en vaker komen, gaat de bevalling sneller. Het persen duurt bij een eerste kind gemiddeld ongeveer 1 uur, maar kan ook uitlopen tot 2 uur. Bij een tweede kind varieert het persen van 5 minuten tot 1 uur. De placenta komt meestal binnen een half uur na de geboorte.

Ik wil mij graag aanmelden / een afspraak maken

Nu aanmelden

Bevalhoudingen

Tijdens de bevalling zijn we veelal gewend om op bed te bevallen, dit is ingeburgerd, werkt overzichtelijk, maar hoeft niet de ideale houding voor jou te zijn.
Het is jouw bevalling, dus jij bepaalt in welke houding je bevalt. Wissel wel een aantal houdingen met name tijdens de ontsluitingsperiode af, dit leidt veelal tot een betere pijnbeheersing en kortere bevallingsduur. Probeer uit wat voor jou het beste voelt!

Uitleg over verschillende houdingen tijdens de bevalling (klik op de afbeelding)

Folder bevalhoudingen

Baringshoudingen

Onderzoeken pleiten voor een vrije keus voor de vrouw van de voor haar meest comfortabele baringshouding.
Een zelfgekozen baringshouding draagt in het algemeen bij aan een goede bevallingservaring en voor sommigen ook aan een beter emotioneel welzijn in het kraambed.

Bevallen in een andere houding dan de rugligging heeft belangrijke voordelen:

  • Wanneer vrouwen in andere houdingen persen is de uitdrijvingsduur veelal korter.
  • Verder ervaren zij dan minder pijn en vinden zij het makkelijker om te persen.
  • Bovendien is de kans medisch ingrijpen kleiner.
  • Wanneer vrouwen zelf voor de baringshouding gekozen hebben, geeft dat een gevoel van controle en vermindert het schaamtegevoel. Zij kijken bovendien in de eerste periode na de bevalling beter op hun bevalling terug.

Er zijn alternatieven mogelijk als:

  • De zijligging, de baby drukt meer op de ontsluitingsring en duikt makkelijker onder je symfyse, het schaambeen.
  • De baarkruk, of hurkende houding, de zwaartekracht kan het proces bespoedigen.
  • “On all fours”, op handen en knieën, met name bij rug weeën en biedt meer ruimte in je bekken bij een groter kindje.
  • In bad bevallen, geeft optimale ontspanning en voor de baby een aangename overgang van baarmoeder naar het warme bad…

Deze korte filmpjes geven je een idee van de mogelijkheden.

Belinstructies

Rond de 36e week van je zwangerschap spreken we samen de bevalling en je geboorteplan door. Daarbij spreken we ook duidelijk af wanneer je mij moet bellen.

Bellen bij:

  • regelmatige weeën om de 4-5 minuten gedurende 1 uur, de contracties houden ruim 1 minuut aan
  • breken van de vliezen, bij niet ingedaald hoofd ieder moment van de dag. Let op de kleur, bij groen of bruin verlies ook direct bellen
  • bloedverlies in de hoeveelheid van een menstruatie
  • minder leven voelen dan je gewend bent
  • ongerustheid

De patiëntveiligheids- / signalenkaart geeft duidelijk aan wanneer je meteen contact op moet nemen met je verloskundige.

Folder “Je baby voelen bewegen”.

Heb je alles klaar?

Voor dat je aan je bevalling gaat beginnen moet je er natuurlijk voor zorgen dat je er helemaal klaar voor bent. Dus hieronder nog even snel een korte opsomming:

  • Kraampakket, zie het item baby uitzet checklist of download direct het bijbehorende document.
  • Het bed op hoogte d.m.v. klossen: minstens 70 cm. Lukt dit niet met je tweepersoonsbed, zorg dan voor een eenpersoonsbed dat op klossen kan. Bedklossen, ondersteek leen je bij de Thuiszorg of je kraambureau.
  • Indien je bed op zolder staat, schrijven de ambulance richtlijnen uit veiligheidsoverwegingen voor om niet hoger als één trap te gaan, dus de eerste etage.
  • vluchtkoffertje voor moeder en kind